Koning Willem-Alexander heeft gereageerd op het onderzoek naar de koloniale geschiedenis van zijn familie. Volgens de koning bevestigt het onderzoek dat stadhouders en koningen uit het Huis Oranje-Nassau slavernij niet alleen niet tegengingen, maar haar ook actief ondersteunden. De resultaten van het onderzoek zijn openbaar gemaakt. Daarmee komt een traject tot een voorlopig hoogtepunt dat de koning zelf in gang zette.

Opdracht van de koning zelf
Willem-Alexander gaf in 2022 opdracht tot een onafhankelijk onderzoek naar de rol van het Huis Oranje-Nassau in de koloniale geschiedenis. Volgens de NOS ging het om eind 2022. De opdracht kwam dus niet van buitenaf, maar van de koning persoonlijk. Het onderzoek moest in kaart brengen hoe betrokken de Oranjes waren bij koloniale expansie en slavernij.
Het onderzoek stond onder leiding van hoogleraar Gert Oostindie, die al in 2023 werd genoemd als leider van het onafhankelijke onderzoek dat het koningshuis liet instellen. Aan het eindresultaat werkten zo’n zestig auteurs mee. Het gaat dus om een omvangrijk project en niet om een korte verkenning.
Wat de koning zegt over de uitkomst
In zijn reactie benadrukt Willem-Alexander dat kolonialisme en slavernij actief werden ondersteund door zijn voorouders. Hij beperkt zich daarbij niet tot het constateren dat zij nalieten in te grijpen. Volgens hem laat het onderzoek zien dat stadhouders en koningen een actieve rol speelden. Daarmee gaat zijn reactie verder dan een erkenning van passiviteit.
Die formulering sluit aan bij eerdere uitspraken. Eind vorig jaar zei de koning in Paramaribo dat hij het besef had dat ‘de pijn doorwerkt’ en dat hij daar stond ‘als verantwoordelijke’. Het onderzoek geeft nu een historische onderbouwing aan wat hij toen al als uitgangspunt nam.

Van excuses naar onderzoek
De koning bood op 1 juli 2023 tijdens de Nationale Herdenking van het slavernijverleden zijn excuses aan. Het was Keti Koti, de dag waarop de afschaffing van de slavernij wordt herdacht, en het was de eerste keer dat hij de herdenking bijwoonde. Die dag markeerde ook de start van het herdenkingsjaar, omdat het 150 jaar geleden was dat de slavernij de facto werd afgeschaft.
Zijn toespraak maakte indruk. Hij vroeg niet alleen om excuses, maar ook om vergiffenis. Hij sloot af met de woorden ‘Den keti koti fu tru, de ketenen zijn verbroken, echt waar’. Na zijn woorden klonk luid applaus en gejuich. Het onderzoek dat hij liet uitvoeren volgde dus op zijn eigen belofte om duidelijkheid te geven over de rol van zijn familie.
Reacties op de excuses van 2023
Cultuurhistoricus Nancy Jouwe zei destijds dat het voor veel oudere Surinamers belangrijker is dat de koning dit zegt dan wanneer de premier excuses maakt. Er is volgens haar een symbolisch gevoel bij het koningshuis. Ze noemde het moment bijzonder, historisch en emotioneel en zei dat het ‘het begin van iets’ is, ‘niet het einde van iets’.

Antropoloog Mitchell Esajas van The Black Archives vond het niet alleen een goede speech, maar waardeerde ook dat de koning om vergiffenis vroeg. Wie dat doet, stelt zich nederiger op, aldus Esajas. Hij wees erop dat de koning tweemaal het woord herstel gebruikte en zag dat als een uitgestoken hand voor een gesprek.
Oud-gemeenteraadslid Peggy Wijntuin uit Rotterdam noemde het persoonlijke karakter van de toespraak een diepe buiging. De koning vroeg vergiffenis voor de houding van zijn bloedlijn, die nooit afstand nam van die misdaden. Ze waardeerde ook dat hij contractarbeiders en Indonesië noemde, wat in haar ogen verbreding en verbinding zocht.
Vergiffenis in Paramaribo
Eind vorig jaar werd in de Surinaamse hoofdstad Paramaribo een bijeenkomst gehouden op een plek waar aarde, water en lucht samenkomen. Surinamers ervaren daar het contact met voorouders het sterkst. Inheemsen en nazaten van tot slaaf gemaakten schonken de koning daar vergiffenis voor wat zijn voorouders hun hadden aangedaan. Twee jaar eerder had hij daarvoor excuses aangeboden.
Het was een emotioneel beladen bijeenkomst. De koning stond daar met het besef dat de pijn doorwerkt, zei hij na afloop. Hij benadrukte dat hij er stond als verantwoordelijke. Die woorden laten zien dat hij de kwestie niet als afgesloten verleden beschouwt.

Eerder onderzoek naar verdiensten
Los van het onderzoek naar het Huis Oranje-Nassau verscheen in 2023 het overheidsrapport ‘Staat en Slavernij’. Daaruit bleek dat de Oranjes over de periode 1675 tot 1770 ten minste 545 miljoen euro verdienden aan slavernij, omgerekend naar de huidige valuta. Dat bedrag komt uit dat eerdere onderzoek en niet uit de nu gepresenteerde studie.
Toch laat het zien tegen welke achtergrond het nieuwe onderzoek moet worden gelezen. Dat de Oranjes verdienden aan slavernij kwam in 2023 niet geheel als verrassing. Wel duurde het lang voordat het koningshuis erkenning gaf aan de nazaten van tot slaaf gemaakten.
Wat de erkenning betekent
Met zijn reactie op het onderzoek zet de koning een stap verder dan zijn excuses van 2023. Hij benoemt nu uitdrukkelijk dat zijn voorouders slavernij actief steunden. Dat is een concretere erkenning dan de eerdere algemene verwijzing naar een gedeelde en pijnlijke geschiedenis.

Of en welke vervolgstappen volgen, is in de beschikbare informatie niet vastgelegd. Duidelijk is wel dat de koning het onderzoek zelf initieerde en de uitkomst niet weerspreekt. Voor veel nazaten blijft de vraag wat er na erkenning gebeurt. Zoals Jouwe het destijds zei: het belangrijkste is wat er uiteindelijk mee gaat gebeuren.
Bronnen en credits
Bronnen: RTL Nieuws, Volkskrant, nrc.nl, nos.nl, lilithmag.nl, thedutchroyalfamily.nl
Foto: Koning Willem-Alexander naast een burgemeester met ambtsketen — Sander Perquin (bron), CC BY 4.0
Foto: Koning Willem-Alexander tijdens een herdenking — U.S. Embassy The Hague (bron), Public domain
Foto: Koning Willem-Alexander begroet een gast bij een herdenking — U.S. Embassy The Hague (bron), Public domain









