De zaak die Nederland maandenlang in zijn greep hield, komt definitief tot een einde. Het Openbaar Ministerie gaat niet in beroep tegen de vrijspraak van de 33-jarige Anne Romke van der H., die werd verdacht van het voorbereiden van een aanslag op de vrijheid van prinsessen Amalia en Alexia. Daarmee is de vrijspraak onherroepelijk van kracht, en komt er geen nieuwe behandeling van de zaak. De beslissing roept vragen op over hoe het strafrecht omgaat met verdachten die in een psychose handelen.

Een zaak met bijlen en een verontrustende briefje
De zaak begon met een opvallende vondst in een hotelkamer. Agenten troffen daar twee bijlen aan waarop zorgwekkende teksten stonden geschreven. Volgens berichtgeving van RTL Nieuws stonden op de bijlen onder meer de namen ‘Alexia‘ en ‘Mossad’, aangevuld met de woorden ‘Sieg Heil’. In de kamer lag bovendien een briefje met de tekst ‘Amalia, Alexia en Bloedbad 400′. Die vondsten waren voor justitie aanvankelijk reden genoeg om een strafrechtelijk onderzoek te starten.
De verdachte, Anne Romke van der H., gaf echter een opvallende verklaring voor zijn bezittingen. Hij stelde dat de bijlen bedoeld waren voor een gezamenlijk survivalweekend in Polen. Daarnaast verklaarde hij dat hij geloofde een liefdesrelatie te hebben met prinses Amalia. De man ontkende ten stelligste dat hij kwade bedoelingen had. Die verklaringen klonken voor velen ongeloofwaardig, maar de rechtbank trok er uiteindelijk verrassende conclusies uit.
Rechtbank: psychose, maar geen bewezen voorbereiding
Eind augustus sprak de rechtbank in Den Haag de verdachte vrij. De rechter erkende dat Van der H. in een psychose verkeerde ten tijde van de feiten. Toch was dat voor de rechtbank onvoldoende grond om hem te veroordelen. Het bewijs dat hij daadwerkelijk bezig was met de voorbereiding van een aanslag, ontbrak simpelweg. Bovendien hield de rechtbank er in haar vonnis sterk rekening mee dat de verdachte nooit werkelijk van plan was om de prinsessen van hun vrijheid te beroven.

Het OM had eerder een forse straf geëist: tbs met dwangverpleging. Die eis wees op de ernst waarmee justitie de zaak inschatte. Toch bleek die inschatting in de rechtszaal moeilijk hard te maken. Omdat het bewijs voor daadwerkelijke aanslag-voorbereiding niet overtuigend genoeg was, volgde de vrijspraak. Dat was een opmerkelijke uitkomst, gezien de aard van de gevonden voorwerpen en de geschreven teksten.
OM legt zich neer bij het oordeel
Na de vrijspraak had het Openbaar Ministerie de mogelijkheid om hoger beroep aan te tekenen. Dat heeft het besloten niet te doen. Een woordvoerder van het OM in Den Haag legde de redenering uit aan RTL Boulevard. Volgens de woordvoerder biedt het dossier geen aanknopingspunten om de verklaring van de rechtbank te weerleggen. De rechtbank hield er in haar vonnis immers sterk rekening mee dat Van der H. niet van plan was om prinses Amalia van haar vrijheid te beroven.
De woordvoerder formuleerde het als volgt: “De rechtbank zegt in het vonnis dat ze er sterk rekening mee houdt dat verdachte niet van plan was om prinses Amalia van haar vrijheid te beroven, en het dossier biedt geen aanknopingspunten voor ons om die verklaring te weerleggen. Het Openbaar Ministerie legt zich daarom bij het vonnis neer.” Daarmee kiest het OM bewust voor rust in plaats van een langdurig hoger beroep.
Wat betekent dit voor de veiligheid van het koningshuis?
De beslissing om geen beroep aan te tekenen heeft directe gevolgen. Van der H. blijft vrij, zonder strafrechtelijke maatregel of tbs-behandeling. Dat baart sommigen zorgen, ook omdat de zaak draait om twee leden van de koninklijke familie. Prinses Amalia is 22 jaar oud en prinses Alexia is 21 jaar. Zij zijn als publieke figuren permanent kwetsbaar voor dit soort bedreigingen, of die nu serieus zijn bedoeld of voortspruiten uit psychiatrische problematiek.

Bovendien roept de uitkomst bredere vragen op over de beveiliging van het koninklijk huis. Wanneer iemand met bijlen en een dreigend briefje een hotelkamer betrekt, maar uiteindelijk wordt vrijgesproken, ontstaat er een grijs gebied in de wet. Justitie kan dan weinig beginnen als het bewijs voor opzettelijke voorbereiding ontbreekt. Dat is juridisch begrijpelijk, maar tegelijk ongemakkelijk voor wie verantwoordelijk is voor de veiligheid van de prinsessen.
Psychose als juridisch obstakel voor veroordeling
De psychose van Van der H. speelde een centrale rol in de redenering van de rechtbank. Een psychotisch toestandsbeeld kan er in het strafrecht toe leiden dat een rechter twijfelt aan de aanwezigheid van opzet. Echter, dat brengt een paradox met zich mee. Juist als iemand in een psychose gevaarlijk gedrag vertoont, is strafrechtelijke aanpak moeilijk. Tegelijkertijd kan de civiele psychiatrie ook niet altijd ingrijpen als er geen strafrechtelijke veroordeling is. Daarin zit een fundamenteel probleem dat deze zaak blootlegt.
Deskundigen benadrukken daarnaast dat een vrijspraak in dit soort zaken niet betekent dat de verdachte geen zorg nodig heeft. Of Anne Romke van der H. na zijn vrijlating psychiatrische hulp ontvangt, is niet bekend. Dat gegeven maakt de afloop voor velen moeilijk te accepteren, ook al is de juridische logica begrijpelijk.

Zaak definitief gesloten, vragen blijven
Met de beslissing van het Openbaar Ministerie om niet in beroep te gaan, is de juridische weg afgesloten. Er komt geen nieuwe zitting, geen nieuwe beoordeling van het bewijs en geen nieuwe eis van tbs met dwangverpleging. De zaak rond Anne Romke van der H. behoort daarmee tot het verleden, althans voor de rechter. Voor prinses Amalia, prinses Alexia en het bredere debat over de veiligheid van publieke figuren is de kwestie echter allerminst vergeten. De zaak blijft een markant voorbeeld van de grenzen die de wet stelt, ook wanneer de feiten onmiskenbaar zorgelijk zijn.
Bronnen en credits
Bronnen: RTL Boulevard, RTL Nieuws
Foto: Gebouw van de rechtbank in Amsterdam — Ceescamel (bron), CC BY-SA 4.0











