
Claudia de Breij pareert klimaatkritiek zelf: ‘Dit is wie ik bén’
Claudia de Breij vloog deze zomer met haar gezin naar Japan voor een vakantie van twee weken. Dat is opmerkelijk, omdat de cabaretière zich eerder uitgesproken heeft over de noodzaak van steviger klimaatbeleid. Bijzonder genoeg is zij zelf degene die de kritiek het scherpst formuleert, nog voordat anderen dat kunnen doen.

Van klimaatuitspraken naar vliegreis
De Breij staat al jaren bekend als een publiek figuur die het klimaatdebat serieus neemt. Ze schreef en sprak herhaaldelijk over de urgentie van de klimaatcrisis. In Volkskrant Magazine pleitte ze, volgens entertainmentsite Ditjes & Datjes, zelfs voor wettelijke beperkingen op verre vliegreizen. Haar exacte woorden zouden zijn geweest: „Bij wijze van spreken één keer in de vijf jaar trans-Atlantisch vliegen, zoiets moet kennelijk gebeuren.” Bovendien voegde ze daaraan toe dat ze de overheid nodig heeft om die beslissing voor haar te nemen.

Toch boekte ze dit jaar een vliegreis naar Japan, een bestemming die ver verwijderd is van het duurzame ideaal dat ze eerder beschreef. Dat de twee dingen botsen, ontkent ze niet. Integendeel: ze bespreekt het conflict openlijk in haar column voor de VARAgids. Daarmee kiest ze voor transparantie boven zwijgen, wat haar in elk geval een eerlijker imago geeft dan veel tijdgenoten.

Waarom toch Japan
De motivatie die Claudia de Breij noemt, is persoonlijk van aard. Volgens citaten die Ditjes & Datjes aanhaalt uit de VARAgids, zei ze: „Wanneer heb je als ouders je bijna volwassen kinderen zo dicht bij je?” Een verre vakantie biedt haar kennelijk een soort isolatie van het dagelijkse leven, waarbinnen echt contact met haar kinderen mogelijk wordt. Of dat de enige manier is om dat te bereiken, laat ze in het midden.

De keuze roept vragen op, maar De Breij stelt die vragen zelf ook. Ze heeft eerder publiekelijk erkend dat ze leeft in een voortdurende tegenstrijdigheid: een te groot huis, een te hoge thermostaat, twee auto’s voor de deur en ja, ook vliegvakanties naar wat zij zelf omschreef als „Verweggistan”. Die zelfreflectie is in haar geval geen recente toevoeging; ze koppelde haar gedrag al langer aan haar eigen schuldgevoel over het klimaat.

Haar eigen woorden als schild
De Breij muntte voor haar eigen gedragspatroon de treffende term „links poken, rechts stoken”. Ze beschreef daarmee hoe ze openlijk pleit voor klimaatmaatregelen, maar privé keuzes maakt die daar haaks op staan. Volgens Ditjes & Datjes voegde ze toe: „Ik heb de mond vol van wat we allemaal zouden moeten doen voor het klimaat. En maar oppoken die boel, en maar roepen, en maar meninkjes ventileren.” Vervolgens somde ze haar eigen zonden op, zonder terughoudendheid.

Die eerlijkheid is opvallend, omdat ze ermee afwijkt van het patroon dat bij veel BN’ers zichtbaar is. Anderen die zich associëren met klimaatbewustzijn, zoals Katja Schuurman, Carice van Houten en Dolf Jansen, worden in dezelfde categorie geplaatst door Ditjes & Datjes. Echter, niet iedereen in die groep maakt zijn of haar eigen tegenstrijdigheden zo expliciet bespreekbaar als De Breij dat doet.

Kritiek weerleggen door haar voor te zijn
De strategie van Claudia de Breij is subtiel maar effectief: door haar eigen hypocrisie als eerste te benoemen, neemt ze het wapen weg bij wie haar wil aanvallen. Haar uitspraak „Dit is niet wie ik wíl zijn. Dit is wie ik bén” werkt als een soort wapenstilstand met zichzelf en met buitenstaanders. Daarmee erkent ze de kloof tussen ideaal en werkelijkheid, zonder te doen alsof die kloof niet bestaat.

Bovendien keert ze de aanvalsreflex om. Ze pleitte ervoor om te stoppen met het onderling aanwijzen: „We moeten stoppen met het naar elkaar wijzen: jij eet wel vlees! Jij gaat wel op vakantie! Maar met jij-bakken bereiken we niets; je wordt er alleen maar chagrijnig van.” Daarmee verplaatst ze het debat van persoonlijke beschuldiging naar structurele oplossingen, wat ironisch genoeg aansluit bij haar eerdere pleidooi voor wetgeving op dat vlak.

Bredere context in het klimaatdebat
De zaak-De Breij illustreert een breder dilemma in het publieke klimaatdebat. Het is makkelijker om structurele verandering te bepleiten dan om zelf de grootste offers te brengen. Dat geldt niet alleen voor cabaretières, maar ook voor politici, wetenschappers en journalisten die zich druk maken over het milieu. De vraag is of persoonlijk gedrag het geloofwaardige bewijs moet zijn van oprechte overtuiging, of dat publieke pleitbezorging al een waarde op zich heeft, los van privékeuzes.

De Breij zelf lijkt te kiezen voor de tweede redenering, aangevuld met een flinke dosis zelfspot. Ze sluit niet de ogen voor haar eigen tekortkomingen, maar trekt daaruit ook niet de conclusie dat ze haar mond moet houden over het klimaat. Haar redenering is herkenbaar voor veel mensen die zichzelf niet als volmaakt duurzaam beschouwen, maar toch het belang van klimaatbeleid onderschrijven.

Wat er nu staat
De vliegreis naar Japan is inmiddels een feit en de discussie erover is publiekelijk geopend, grotendeels door Claudia de Breij zelf. Of haar openheid het debat over bekende Nederlanders en klimaatgedrag verder zal voeden, valt nog te bezien. Haar column in de VARAgids vormt in elk geval een uitnodiging om het gesprek over eerlijkheid, consequentie en klimaatbeleid voort te zetten, zowel voor BN’ers als voor gewone Nederlanders die dagelijks dezelfde afwegingen maken.
Bronnen: Ditjes & Datjes, NieuwRechts.nl
Foto: Claudia de Breij door Dirk Annemans door Dirk Annemans, via Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0





