Het Nieuwsfront
Het Nieuwsfront
Het laatste nieuws direct in onze app
Download
×
LeesHet

Kamer wil eindelijk erkenning voor Molukkers na 75 jaar: ‘Minder kil en bureaucratisch’

Driekwart eeuw nadat de eerste Molukse militairen voet op Nederlandse bodem zetten, wil de Tweede Kamer eindelijk een onafhankelijk onderzoek naar het leed dat de gemeenschap is aangedaan. Een motie van Don Ceder van de ChristenUnie, medeondertekend door twaalf andere fracties, lijkt dinsdag 16 juni op een ruime meerderheid te kunnen rekenen. De inzet is helder: erkenning en een ‘passend gebaar dat recht doet aan de gemeenschap’. Maar voor de mensen om wie het gaat, tikt de klok hard door.

Een half jaar dat nooit eindigde

Om te begrijpen waarom dit debat zo lang heeft geduurd, is een stap terug in de geschiedenis noodzakelijk. Molukse beroepsmilitairen vochten jarenlang mee in het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) tegen de Indonesische onafhankelijkheidsbeweging. Toen Nederland in 1949 de strijd opgaf, ontstond er direct een conflict over hun toekomst. De militairen wilden terug naar de Molukken, maar de Indonesische regering weigerde dat.

Daarom besloot Nederland begin 1951 om de militairen samen met hun gezinnen tijdelijk naar Nederland te brengen, voor een verblijf van ongeveer een half jaar. Ruim 12.500 Molukkers kwamen aan, in de overtuiging dat Nederland zou helpen bij hun terugkeer naar hun thuisland. Die terugkeer kwam er nooit. De mannen werden al snel na aankomst ontslagen uit het KNIL, en de meesten zouden de Molukken nooit meer terugzien. Dat half jaar werd een leven.

De omstandigheden waarin ze werden opgevangen, waren bovendien allesbehalve gastvrij. Velen belandden in kampen, waaronder de voormalige concentratiekampen Westerbork en Vught. De locaties alleen al spreken boekdelen over de manier waarop de Nederlandse overheid met deze groep omging. Die behandeling liet diepe sporen na, ook in de generaties die volgden.

Lees ook:  Nederland gaat zelf massaal raketten bouwen: ´Ook sneller inzetten´

Trauma dat doorwerkte in volgende generaties

De gevolgen van het wanbeleid in die vroege jaren waren niet beperkt tot de eerste generatie. Velen van de kinderen en kleinkinderen raakten verslaafd aan drugs. Bovendien probeerden jonge Molukkers in de jaren zeventig met geweld en gijzelingen in Nederland het ideaal van een vrije Molukse republiek af te dwingen. In 1977 maakte het leger, onder premier Dries van Agt, een einde aan een van die gijzelingen. De wonden die dat naliet, zijn tot op de dag van vandaag voelbaar binnen de gemeenschap.

Toch bleef formele erkenning door de Nederlandse Staat decennialang uit. In 2021 schreven burgemeesters gezamenlijk een brief aan de regering om onder ogen te zien wat de Molukse gemeenschap was aangedaan. De Amsterdamse burgemeester Femke Halsema herhaalde die oproep eerder dit jaar. Oud-premier Van Agt vroeg bovendien enige jaren geleden al aan koning Willem-Alexander om officiële excuses te maken. Dat verzoek bleef onbeantwoord. Toenmalig premier Mark Rutte schreef wel in 2022 dat de ontvangst van de Indische en Molukse gemeenschap na de oorlog, zoals hij het formuleerde, ‘minder kil en bureaucratisch had moeten zijn’. Meer dan dat was het niet.

Lees ook:  Zware klap voor Jetten na mislukt overleg: ´Vakbonden leggen land alsnog plat´

Motie met brede steun van twaalf fracties

Nu, in het jaar dat het 75-jarig jubileum van de aankomst van de eerste Molukkers wordt herdacht, neemt de Tweede Kamer een nieuwe stap. De motie van Don Ceder roept het kabinet op tot een onafhankelijk onderzoek naar de behandeling van Molukkers in Nederland. Doordat twaalf andere fracties de motie medeondertekenden, is een ruime meerderheid al vóór de stemming van dinsdag 16 juni praktisch zeker. De politieke wil lijkt er ditmaal echt te zijn.

Bovendien benadrukt de motie dat bij het onderzoek nadrukkelijk moet worden gekeken naar de rol van de Nederlandse Staat zelf. Dat is een opmerkelijk element. Het gaat er dus niet alleen om wat er mis ging in abstracte zin, maar ook om de verantwoordelijkheid die de overheid daarin droeg. Daarnaast stelt de motie een duidelijke deadline: de uitkomsten moeten uiterlijk begin volgend jaar worden gepresenteerd. Dat is buiten het herdenkingsjaar, maar de urgentie is begrijpelijk, want van de eerste generatie Molukkers leven er nog maar weinigen.

Monument aan de Lloydkade als tastbaar herdenking

Parallel aan het politieke traject vindt komende zondag in Rotterdam de onthulling plaats van een nationaal monument aan de Lloydkade. Dat is precies de plek waar de schepen met KNIL-militairen destijds aanmeerden. Het monument is onderdeel van de herdenking van 75 jaar Molukkers in Nederland en geeft de gemeenschap een fysiek ankerpunt in het nationale geheugen. Symbolisch is het betekenisvol, maar het vervangt een formele erkenning niet.

Lees ook:  Zorgverhoren bereiken climax in coronacommissie: 'Effect op personeel was enorm'

Op dit moment wonen er naar schatting 75.000 mensen met een Molukse achtergrond in Nederland. Voor hen is de stemming van dinsdag meer dan een procedurele stap. Het is de vraag of de overheid die hen of hun voorouders heeft gefaald, bereid is dat eindelijk onder woorden te brengen en te onderbouwen met onderzoek.

Erkenning als eerste stap, niet als eindpunt

Critici wijzen er echter op dat een onderzoek weliswaar een stap vooruit is, maar dat de uitkomst nog open ligt. Wat het ‘passende gebaar’ concreet moet inhouden, is in de motie niet uitgewerkt. Dat betekent dat de politiek de moeilijkste vraag vooruitschuift. Toch is er ook een andere lezing mogelijk: door een onafhankelijk onderzoek te laten spreken, geeft de Tweede Kamer de uitkomst meer gezag dan wanneer politici zelf conclusies trekken. De feiten moeten het woord doen, niet de partijlijn.

Bovendien is de tijdsdruk reëel. De mensen die de aankomst in 1951 zelf meemaakten, worden ouder. Hun getuigenissen zijn onvervangbaar. Elk jaar dat verstrijkt zonder onderzoek, is een jaar dat herinneringen vervagen en stemmen verstommen. In dat licht bezien is de deadline van begin volgend jaar niet alleen politiek, maar ook menselijk urgent. De Tweede Kamer stemt dinsdag, en de Molukse gemeenschap wacht al 75 jaar op antwoord.

Bronnen: EWMagazine.nl, NOS

Lees ook